Door

LEWIS

Gepubliceerd op

December 24, 2014

Tags

PR, strategie

Misschien is het beroepsdeformatie, maar ik vraag me af hoe het er de afgelopen dagen aan toe is gegaan bij de PR-afdeling van Sony.


 

Voor wie het heeft gemist: het Japanse bedrijf heeft een film gemaakt over de CIA die plannen heeft om de Noord-Koreaanse dictator Kim Jung-un om te brengen. Naar verluidt was Kim niet blij met de film, en zou hij Noord-Koreaanse hackers opdracht hebben gegeven in te breken in het computersysteem van Sony. Ook zou hij hebben gedreigd met aanslagen op bioscopen die de film zouden vertonen.

Koortsachtig beraad bij de PR-afdeling van Sony, natuurlijk. Een fictieve reconstructie. De VP Communications van Sony Pictures Entertainment opent de vergadering: “Okay jongens en meisjes, onze IT-afdeling heeft bevestigd dat we gehackt zijn door Noord-Koreaanse hackers. De FBI is er nu mee bezig. Naast deze hack hebben ze gedreigd om aanslagen te plegen op mensen die de film gaan bezoeken. Hoe gaan we hiermee om?” “Regel één van crisiscommunicatie,” antwoord één van PR-managers van Sony, “is dat we de crisis omdraaien en deze in ons voordeel te laten werken”. De VP: “Hoe dan?” De PR-manager: “Nou, om te beginnen was het al een flutfilm. Tranen in mijn ogen, maar niet van het lachen. Ik dacht eigenlijk dat deze meeting daarom ging.” De VP: “Ja het is eigenlijk best een flutfilm, maar ga verder.” De PR-manager: “Okay, we zijn dus gehackt en bedreigd. Ik neem aan dat iedereen even een virusscannetje heeft gedaan? Is wel belangrijk. Anyway, we hebben twee opties:

we brengen de film uit alsof er niks gebeurd is. Er gebeurt daarna waarschijnlijk ook niks. De film draait, met een beetje geluk draaien we quitte en iedereen is blij, behalve Kim Jung-un dan.”

De VP: “En de tweede optie?” De PR-manager: “Optie twee werkt als een drietrapsraket. Eerst zetten we een paar bioscopen onder druk om de film niet te tonen, omdat ze bang zouden zijn voor aanslagen. Wacht, ik schrijf meteen even een statement: We respect and understand our partners’ decision and, of course, completely share their paramount interest in the safety of employees and theatergoers. Laten wij dan ook de officiële première schrappen, dat geeft een mooi dramatisch effect.”

De VP: “Jij moet in de filmindustrie gaan! Maar wanneer brengen we ‘m dan wel uit?” De PR-manager: “Over een week of twee, drie. Geduld is hier van belang. Vrijdag geeft Barack Obama zijn wekelijkse persconferentie.” De VP “Ja goeie. Mike heeft ongetwijfeld contacten met het Witte Huis. Ik laat hem zijn lijntjes uitzetten.” De PR-manager: “Niet nodig.” De VP: “Hoezo?” De PR-manager: “Obama krijgt ongetwijfeld van journalisten de vraag wat hij van onze terugtrekactie vindt.” De VP: “Ja, maar wat denk je dat hij gaat antwoorden?” De PR-manager: “Wat zou een president antwoorden? Dat hij ons besluit begrijpt maar betreurt, vrijheid van meningsuiting, misschien nog wat oorlogstaal.” De VP: “Ja, maar hij zal ook zeggen dat we fout zijn en niet moeten toegeven aan terrorisme.” De PR-manager: “Dat komt later. Nu zit inmiddels iedereen te popelen om de film te gaan kijken.” De VP: “Dat is waar. Betere publiciteit kunnen we niet krijgen.” De PR-manager: “En omdat we inderdaad niet buigen voor terrorisme vragen we over een week of twee een paar bioscopen om de film te vertonen. En om iedereen de kans te geven de film te zien distribueren we ‘m online. Gratis via YouTube of zo, de omzet halen we wel uit de advertenties. Dit wordt onze beste release ooit!” De VP: “Fijne feestdagen team, goed gewerkt!”

Neem contact op