LEWIS

Door

LEWIS

Gepubliceerd op

August 21, 2014

Tags

PR, social media

Pesten is niet cool, maar een beetje plagen kan geen kwaad. Dat plagen zelfs juist positief kan uitpakken, mits je er goed mee omgaat, bewijst Jumbo Supermarkten deze week. Net als Brits bakkerijketen Greggs. Twee goede voorbeelden van hoe belangrijk je online aanwezigheid is en hoe je plagerijtjes kunt omvormen tot positieve aandacht voor je merk. Beide bedrijven laten zien dat social succes niet ingewikkeld hoeft te zijn: weet wat er speelt en laat horen dat je er bent. Als je dat goed doet, dan haal je nog het nieuws ook.


Jumbo beantwoordt grappenmaker

Voor wie het even heeft gemist: eerder deze maand dook de website Jumbo Super Mart Ken op. Een grapje dat ontstond naar aanleiding van een typefout op de kassabon van Jumbo. Het balletje ging deze week pas echt rollen door deze tweet:

Jumbo kreeg lucht van de grap en besloot sportief te reageren door de – nog onbekende – maker op een grappige manier een minuut gratis boodschappen doen aan te bieden: de website Jumbo Super Mart Barbie was geboren. Een grappige tegenactie met passende tone-of-voice die wederom viral gaat.

De reactie van Jumbo werd bejubeld door Twitteraars en krijgt zoveel social aandacht dat ook verschillende media er melding van maken. En niet de minste: onder meer Telegraaf en Algemeen Dagblad brengen Jumbo en de actie onder de aandacht. Dankjewel websitebouwer en goed gehandeld Jumbo. Aanwezig zijn is al de helft van de winst. Gelukkig doet Jumbo dat goed, met de juiste snelheid en passende tone-of-voice.

Satirische grappen met Google als accelerator

Brits bakkerijketen Greggs bevond zich deze week in een soortgelijke situatie. Ook Greggs kreeg te maken met een grappenmaker, maar dit keer met een iets vervelendere toon en ondersteund door Google. Bij het googlen van het merk werd bij de organisatieomschrijving namelijk niet het officiële bedrijfslogo weergegeven, maar een satirische variant met de toevoeging “Providing shit to scum for over 70 years”. De oorzaak ligt bij het algoritme van Google. Het ‘verkeerde’ logo is afkomstig van Uncyclopedia, de satirische variant van Wikipedia. Doordat de webhost-dienst van Uncyclopedia naast satirische ook veel serieuze content onderbrengt, beschouwt Google het logo als betrouwbaar.

Draai aandacht rond je merk in je voordeel

Zelfs na enkele pogingen tot contact met Google lukte het niet om de fout gecorrigeerd te krijgen. Voor Greggs was dit reden om Google op een grappige manier via Twitter aan te spreken en donuts aan te bieden in ruil voor correctie van het logo. De sportieve reactie van Greggs leverde ze veel interactie op met andere Twitteraars en media-aandacht op onder andere The Guardian.

Ook de verdere tweets van Greggs later deze week haken leuk in op het voorval bij Google waarmee ze nog lekker na deinen op de buzz.

Hartstikke leuk, maar wat levert het op?

De acties van Jumbo en Greggs worden goed ontvangen op Twitter. Maar wat levert het de organisatie uiteindelijk op? Dat blijft een lastige vraag, om het zeker te weten, zou je onderzoek moeten doen. Uiteindelijk draait het hier om merkreputatie en hoe deze bijdraagt aan de business. Het effect van één actie is lastig zichtbaar te maken en eerlijk gezegd zou ik me er niet te druk om maken. Focus liever op het grotere plaatje en durf te vertrouwen op je gevoel bij de invulling van de sociale mediastrategie. Mijn collega Freek adviseerde het eerder al: wees een mens. Dit is ook precies wat de communicatiemensen bij Jumbo en Greggs deden. Alleen dan bouw je goede relaties op met mensen uit je doelgroep. Eenvoudiger gezegd dan gedaan natuurlijk. Voor wie toch wat houvast kan gebruiken, ga ik even terug naar enkele basisvragen:

  • Wie ben ik als merk (identiteit)?
  • Past mijn handelen – bijvoorbeeld op social media – bij wie ik ben?
  • Hoe kom ik met mijn handelen over als merk bij publieksgroepen?
  • Heeft mijn handelen een positieve uitwerking op mijn merkreputatie?
  • En als het goed is heb je hier al over nagedacht: draagt deze reputatie bij aan de organisatiedoelen?

De invulling ervan blijft voor een groot deel een gevoelskwestie. Dit gevoel zou standaard in het pakket moeten zitten bij iedere communicatieprofessional.

Neem contact op