Sander van Buuren

Door

Sander van Buuren

Gepubliceerd op

March 19, 2015

Tags

PR, strategie

Natuurlijk hebben jullie gisteren allemaal de gang naar de basisschool om de hoek of het plaatselijke dorpshuis gemaakt om je stem uit te brengen voor de Provinciale Statenverkiezingen en – indirect – de Eerste Kamer. En vervolgens gisteravond gekeken naar het binnendruppelen van de verkiezingsuitslag. Op zich een redelijk spannende aangelegenheid, maar wat mij betreft lang niet zo interessant en vooral amusant als de weken voorafgaand aan de verkiezingen. Als (verondersteld) PR-expert vind ik het bij iedere politieke verkiezing weer mateloos fascinerend hoe makkelijk partijen en woordvoerders posities en thema’s aanpassen aan de waan van de dag. Alles voor die extra stem. Wat me nog het meest opviel is dat niet één partij een echt onderscheidende positie claimde door de nadruk op provinciale thema’s en gezichten te leggen; toch het eigenlijke doel van deze verkiezingen. De nationale kopstukken en discussiepunten voerden de boventoon in de campagnes. Slimme benadering of misplaatst opportunisme?


Identificeren met de ‘gewone man’

Afgelopen zondagmiddag belandde ik per ongeluk midden in een vrolijke manifestatie in het centrum van Den Haag. Enthousiast roepende jongens en meiden met kekke witte jasjes deelden ballonnen en flyers uit en jong en oud Den Haag hield de mobiele telefoon in de aanslag om het tafereel vast te leggen. Stralend middelpunt vormde onze minister-president die met zijn eeuwige lach geduldig met iedereen op de foto ging. Niet strak in pak dit keer, maar met een nog kekkere blauwe jas, spijkerbroek en hippe Adidas-sneakers. Alles om te laten zien dat de VVD toch echt wel dicht bij de ‘gewone man in de straat’ staat. ‘Even vergeten die economische malaise mensen, we zijn er voor jullie in goede en slechte tijden’. Ook D66-voorman Alexander Pechtold deed zondag heel hard zijn best om te laten zien dat hij tussen de mensen staat. In een – eerlijk is eerlijk – vermakelijk onderonsje met Arjen Lubach liet Pechtold zich in Zondag met Lubach van zijn meest gevatte kant zien. Zijn favoriete plek op aarde kleiend en de Macarena dansend deed Pechtold heel hard zijn best om ons in te laten zien dat de coalitiepartijen er een zooitje van maken en D66 begrijpt wat het volk wil. Niets blijkt te gek voor die extra stem.

 

Gebrek aan consistentie

Wat me met name opvalt aan deze en (de vele) andere publieke optredens van de heren en dames politici is niet de populistische benadering, maar vooral het gebrek aan consistentie in boodschappen en benadering ten opzichte van de politieke praktijk in de afgelopen maanden/jaren, waarin de partijen elkaar hard nodig hadden om tot besluitvorming te komen. Vooral tijdens de TV-debatten waarin de kopstukken het tegen elkaar opnemen – zonder het woord ‘provincie’ ook maar 1 keer in de mond te nemen – worden bestaande verhoudingen en standpunten zeer gemakkelijk ingewisseld voor snel politiek gewin. Meest opvallend hierbij was de directe aanval van VVD en PvdA op D66, een partij die de beide coalitiepartners vanaf vandaag weer hard nodig hebben om zaken voor elkaar te krijgen. De verkiezingsstrijd verantwoordt klaarblijkelijk het loslaten – of minimaal erg vrij interpreteren – van enkele gouden PR-regels, zoals: blijf bij je boodschap, ga uit van eigen kracht, ben je bewust van je positionering, baken de thema’s waarover je spreekt af, onderbouw je beweringen met feiten en cijfers en spreek niet over zaken waar je geen verstand van hebt. Hoewel de fractieleiders ongetwijfeld hoog scoren op zichtbaarheid en vast de nodige extra klanten ‘genereren’ voor de getrapte Eerste Kamer-verkiezingen met hun publieke optredens, zet ik mijn vraagtekens bij het rendement en de ‘merkperceptie’ op langere termijn. Nog los van het feit dat de partijen straks weer met elkaar verder (dienen te) regeren volgens eerder gesloten verbonden.

 

Gemiste kans om echt onderscheidend te zijn

Het feit dat niet provinciale aangelegenheden zoals lokale infrastructuur en natuur en milieu, maar nationale en zelfs internationale thema’s de boventoon voeren in de discussies geeft te denken. Ditzelfde geldt voor het gegeven dat niet de provinciale bestuurders maar de landelijke kopstukken de meeste zendtijd opeisen (of krijgen). Ik begrijp uiteraard dat deze verkiezingen hoofdzakelijk verworden zijn tot een strijd om de bankjes in de Eerste Kamer, maar het belang van de provinciale besturen is er niet mee gediend. Voor het publiek ontbreekt herkenbaarheid en raken de thema’s niet aan wat op provinciaal niveau leeft en waar gisteren (eigenlijk) voor gestemd is. Sterker nog: de onzichtbaarheid van provinciale thema’s en woordvoerders schetst het beeld dat de provincie er niet heel erg toe doet. Jammer dat niet één landelijke partij het belang van de provinciale thema’s echt benadrukt heeft. Een gemiste kans om echt onderscheidend te zijn. In polderend Nederland, waar compromisvorming tot kunst is verheven, worden verkiezingsbeloftes net zo makkelijk ingeruild voor politiek gewin als dat nieuwe worden gevormd bij volgende verkiezingen. Aan het publiek de nobele taak om de verkiezingsboodschappen en -positionering te onderscheiden van langetermijnvisie en echte ‘merkwaardes’. Hoe het ook zij: de ratrace om die ene extra stem blijft een fascinerend schouwspel.

Neem contact op